Klassieke massage

De klassieke massage staat ook wel bekend als de Zweedse massage. Meestal wordt de Zweedse schermer en gymleraar Per Henrik Ling gezien als grondlegger van deze massage, maar de Nederlander Johan Georg Mezger heeft de Franse termen bedacht, waarmee hij de massage heeft beschreven. In deze vorm spelen Westerse kennis van gezondheidszorg en de Oosterse filosofie een belangrijke rol. De Zweedse massage is waarschijnlijk één van de meest gebruikte massagevormen.

Bij de klassieke massage kneedt en wrijft de masseur met de bloedstroom mee richting het hart, om de bloedcirculatie te stimuleren. Hierdoor wordt de opname van voedingsstoffen en afvoer van afvalstoffen in de spieren bevorderd. Ook de gewrichten worden gemasseerd, dit vergroot de bewegingsvrijheid. De massage kalmeert het zenuwstelsel en versterkt het immuunsysteem. Het bevordert de aanmaak van o.a. oxytocine, dat zorgt voor de vermindering van pijn en een geluksgevoel. Er wordt in de klassieke massage gebruik gemaakt van vier basistechnieken:

Bij effleurages worden lichte tot halfzware strijkbewegingen in de lengterichting van de spieren gemaakt. Dit bevordert de aan- en afvoer van voeding- en afvalstoffen.

Petrissages ofwel knedingen zijn vooral bedoeld om spieren los te maken.

Intermitterend drukken heeft voornamelijk invloed op de bloed- en lymfecirculatie. Door ritmische bewegingen ontstaat er een pompwerking richting het hart, met als gevolg ook een snellere afvoer van afvalstoffen en aanvoer van voedingsstoffen.

Frictie heeft een plaatselijk effect. Verklevingen worden losgemaakt en de doorbloeding gestimuleerd.